Digitale Ausgabe

Download
TEI-XML (Ansicht)
Text (Ansicht)
Text normalisiert (Ansicht)
Ansicht
Textgröße
Originalzeilenfall ein/aus
Zeichen original/normiert
Zitierempfehlung

Alexander von Humboldt, Christian Friedrich Gödeking: „Korte Levens-Schets van Frederik Alexander van Humboldt“, in: ders., Sämtliche Schriften digital, herausgegeben von Oliver Lubrich und Thomas Nehrlich, Universität Bern 2021. URL: <https://humboldt.unibe.ch/text/1799-Gelehrte_Reisen-2-neu> [abgerufen am 15.07.2024].

URL und Versionierung
Permalink:
https://humboldt.unibe.ch/text/1799-Gelehrte_Reisen-2-neu
Die Versionsgeschichte zu diesem Text finden Sie auf github.
Titel Korte Levens-Schets van Frederik Alexander van Humboldt
Jahr 1800
Ort Haarlem
Nachweis
in: Nieuwe Algemene Konst- en Letter-Bode voor het Jaar 1800 13:316 (17. Januar 1800), S. 17–20.
Beteiligte Christian Friedrich Gödeking
Sprache Niederländisch
Deutsche Übersetzung dieses Textes
Typografischer Befund Antiqua (mit lang-s); Spaltensatz; Auszeichnung: Kursivierung.
Identifikation
Textnummer Druckausgabe: I.88
Dateiname: 1799-Gelehrte_Reisen-2-neu
Statistiken
Seitenanzahl: 4
Spaltenanzahl: 5
Zeichenanzahl: 12734

Weitere Fassungen
Gelehrte Reisen (Jena; Leipzig, 1799, Deutsch; Französisch)
Korte Levens-Schets van Frederik Alexander van Humboldt (Haarlem, 1800, Niederländisch)
Von Humboldt’s Expedition to Spanish America (London, 1800, Englisch)
|17|

Korte Levens-schets van FREDERIK ALEXANDER van HUMBOLDT. Geſchreven door hem zelven, in Spanje,in de maand Mey 1799.

Na ene zorgvuldige opvoeding, in het ouderlykhuis, benevens het onderwys der beroemdſte Geleer-den van Berlyn, genoten te hebben, voltooide ik my-ne Letteroeffeningen op de Univerſiteiten van Gottingen en Frankfort. Vervolgens voor het vak van Finantiebeſtemd zynde, hield ik my, een jaar, op by de Aka-demie van Koophandel te Hamburg, ene Stigting die-nende tot onderwys zo van Handelaren, als van lieden,welken den Staat moeten dienen in het beſtuur des Han-dels, der Bank en der Fabrieken. Het gelukkig ſla-gen, hoe weinig verdiend ook, van myn eerſte werk |18| |Spaltenumbruch| over de Baſalt-bergen van den Rhyn, deedt het hoofdvan onze Bergwerken, de Baron Heinitz, verlangen,dat ik my aan zyn Departement zou overgeven. Ik deedt,diensvolgens, ene reis, voor de Mineralogie en Nat.Historie, door Holland, Engeland en Frankryk, onderhet geleide van Georg. Forſter, den vermaarden Na-tuurkenner, die met Kaptein Cook een togt om deWaereld gedaan had. Aan dezen ben ik, grootdeels,de geringe kundigheden ſchuldig, welken ik bezit.Na myne terugkomst uit Engeland, ging ik de practi-kale Bergwerkkunde te Freiberg en aan den Hartz le-ren. Na dat ik deze en gene nuttige proeven genomenhad, om brandſtoffen; by het Zoutzieden, uittewin-nen, en een klein Stukje over dit onderwerp in hetlicht had gegeven, (ſedert door Coquebert in hetFransch vertaald) zondt de Koning my naar Polen enhet binnenſte van Duitschland, om de Zoutmynen vanVielicza, Hallein, Berchtesgarden ... optenemen. DePlans, door my aldaar ontworpen, dienden voor denieuwe Zout-etablisſementen van Magdenburg. Schoonik toen nog gene 8 maanden in dienst was geweest,behaagde het zyner Majeſteit, by het aantrekken vanhet Markgraviaat, in Frankenland, aan de Kroon, myaanteſtellen tot Directeur der Bergwerken, in die Pro-vintie, waar by de arbeid ſedert ene eeuw had ſtilge-ſtaan. Gedurende 3 jaren hield ik my in dit vak be-zig, en myne ondernemingen ſlaagden zo gelukkig, datde Aluin-, Cobalt- en zelfs de Goudmynen van Gol-deronach weldra voordelig voor de Koninglyke Schat-kamer wierden. Te vreden over deze vordering, zondt men my,andermaal, naar Polen, om op te nemen, wat partymen kon trekken van het gebergte dier nieuwe Pro-vintie, ſedert den naam van Zuid-Pruisſen gegeven.Gelyktydig ontwierp ik een plan ter verbetering vande Zoutputten, aan de oevers van de Oostzee liggen-de. Gedurende dit myn geſtadig verblyf in de My-nen, ſtelde ik een reeks van vry gevaarlyke proefne-mingen in het werk, omtrent de middelen, om de on-deraardſche Stiklucht minder ſchadelyk te maken, enverſtikte perſonen te redden. Het gelukte my enenieuwe antimephique Lamp uittevinden en zamenteſtel-len, welke in geen lucht uitgaat, benevens een Ma-chine van ademhaling; een werktuig, dat ook dienenkan voor militaire Myngravers, wanneer zy door hetvyandelyk geſchut belemmerd worden. Deze toeſteldroeg de goedkeuring weg van den Raad van Oorlog,en deszelfs eenvouwdigheid was oorzaak, dat ook devreemdelingen ’er weldra gebruik van maakten. In dien tyd gaf ik insgelyks in het licht een Plant-kundig werk: Flora Fribergenſis, de Scheikundige Na-tuurkennis der Planten, in verſcheidene talen overge- |Spaltenumbruch| zet, benevens een groot aantal van Natuur- en Schei-kundige Verhandelingen, gedeeltelyk geplaatst in deFranſche en Engelſche Journalen. Na myne terug-komst uit Polen, verliet ik, voor enen geruimen tyd,myn verblyf in het gebergte, verzellende den Hr. vanHardenberg, in ene Staatkundige bezending, hem,door den Koning, kort voor den Baſelſchen vrede,opgedragen. Ik volgde hem by de Legers, aan denRhyn, in Holland en in Zwitſerland liggende. Dit gafmy gelegenheid om den hogen keten der Alpen, Ty-rol, Savoije en het overig deel van Lombardyen tebezien. Toen, in het volgend jaar, het Franſche le-ger naar Frankenland trok, wierd ik gezonden naarhet Hoofdkwartier van den Generaal Moreau, om methem in onderhandeling te treden over de Neutraliteitvan enige Ryksvorſten, die de Koning in ſchut geno-men had. Vurig verlangende om een ander waerelddeel te be-zoeken, en het met betrekking tot de Natuurkennis in’t gemeen, optenemen, niet ſlegts de ſoorten en ka-rakters der bewerktuigde lighamen te beſtuderen (eneoeffening, waar aan men zig tot dus verre al te be-paald heeſt toegewyd) maar ook den invloed van deDampkringslucht en der Scheikundige zamenſtellingop die Lichamen, de conſtructie des Aardbols, deidentiteit der beddingen, in de landen, het verſte vanelkanderen gelegen, met één woord de grote overeen-komſten der Nature, begon ik te wenſchen, om, voorettelyke jaren den dienst des Konings te verlaten, eneen gedeelte van myne bezittingen aan de bevorderingder Wetenſchappen opteöfferen. Ik vroeg, diensvol-gens, myn ontſlag; maar zyne Majeſteit, in plaats vanmy dien te verlenen, benoemde my tot Opper-Berg-raad, met verhoging van myne jaarwedde, en verlofom een reis te doen ten dienſte der Nat. Historie. Dan, daar ik, op zulk enen verren afſtand, mynvaderland van geen dienst kon zyn, nam ik de jaar-wedde niet aan, maar bedankte zyne Majeſt. voor enegunst, my niet zo zeer verleend uit hoofde van mynegeringe verdienſten, dan wel uit aanmerking van dieenes Vaders, welke, tot aan zynen dood, het meestvererend vertrouwen van zynen Vorst bezat. Om my behoorlyk uitterusten voor ene reize, waarvan het doel zo verſcheiden was, maakte ik ene uit-gezogte verzameling van Sterre- en NatuurkundigeWerktuigen, ten einde naauwkeurig te kunnen bepa-len de Sterrekundige ligging der plaatſen, de magne-tiſche kragt, de afwyking en helling der kompas-naald, de Scheikundige zamenſtelling der lucht, hareveerkragtigheid, vogtigheid en temperatuur, hareelektriſche beladenheid en doorſchynendheid, de ko-leur des hemels, de temperatuur der Zee, op ene aan- |19| |Spaltenumbruch| merkelyke diepte enz. Hebbende, op dien tyd, enemerkwaardige ontdekking gedaan omtrent het ze-nuwvogt, en de manier om de zenuwen te prikkelendoor middel ener Chemiſche bewerking (om de prikkel-baarheid daar van, naar believen te vermeerderen ente verminderen) begreep ik nodig te hebben, om mymeer byzonder toeteleggen op de Ontleedkunde. Totdat einde hieldt ik my, gedurende 4 maanden, op aande Univerſiteit van Jena, en gaf aldaar in ’t licht detwee Boekdelen van myne proefnemingen op de ze-nuwen, en van de Scheikundige bewerking des levens:een werk, dat ook in het Fransch is overgezet. Van Jena ging ik naar Dresden en Wenen, om al-daar de Botaniſche ſchatten te beſtuderen, en ander-maal het binnenſte van Italien te bezoeken. Dan deonlusten in Romen deedden my van dit plan afzien,en, terwyl ik my te Saltzburg ophieldt, vondt ik enenieuwe manier uit, om de dampkringslucht te ontle-den, waar over ik, met Vauquelin , ene Verhandelinguitgaf. Op dien tyd voltooide ik ook de zamenſtel-ling van myn nieuwe Barometer, en van een werk-tuig, waar aan ik den naam gaf van Anthracometer, vermits het de hoeveelheid van koolzuur (acide car-bonique) in de Dampkringslucht, aanwyst. Geduren-de ik bleef hoop ſcheppen, om tot Napels te kunnendoordringen, vertrok ik naar Frankryk, alwaar ik,gedurende den tyd van vyf maanden, met de Schei-kundigen van Parys, arbeidde. By die gelegen-heid, las ik verſcheidene Verhandelingen voor by hetNationaal Inſtituut, in de Annales de Chymie, te vin-den: en gaf ’er twee werken uit, het een over deStikluchten der Mynen, en de manier om ze minderſchadelyk te maken, en het ander over de ontledingder lucht. Het Franſche Directoire beſloten hebbende, om eenreis om de waereld te laten doen, met drie Schepen,onder het bevel van den Kap. Baudin, wierd ik, doorden Minister van Zeezaken verzogt, om de Geleer-den, welken op dien togt ſtonden mede te gaan, inhunnen arbeid te verzellen: en reeds maakte ik mygereed, om naar Havre te vertrekken, toen gebrekaan geldmiddelen dit plan verydelde. Ik nam hierop het beſluit, om my naar Afrika te begeven, teneinde den berg Atlas optenemen. Gedurende tweemaanden wagtte ik te Marſeille, om van daar ſcheepte gaan, doch ene verandering in het Staatkundig ſtel-zel, te Algiers voorgevallen, noodzaakte my om ditontwerp te laten dryven: en ik begaf my naar het Schier-Eiland, om de beſcherming te vragen van zyne Kat.Maj. op ene reize naar Amerika, waar van de goedeuitſlag my tot het toppunt van myne wenſchen zalbrengen. |Spaltenumbruch| Het was op verzoek van den Saxiſchen Minister,Baron von Forell, reſiderende aan het Hof van Ma-drid, dat de Hr. van Humboldt deze Levensſchetsontwierp, en den gezegden Minister ter hand ſtelde.Deze, zelve een geleerd man zynde, haastte zig metaan het verlangen des Heren v. Humboldt te voldoen,en het belang der ontworpen reize, met opzigt tot deNatuur-, Schei- en Aardrykskunde, onder het oog tebrengen van het Ministerie des Konings van Spanje:welke laatſte, volgens zyne verlichte en liberale denk-beelden, nevens zyn bekende zugt om de Weten-ſchappen te helpen bevorderen, een verlof, waar vanſedert den togt van den Hr. de la Condamine geenvoorbeeld was, verleende. Men vaardigde, ten dien einde, de naauwkeurigſte,en voor dezen doorluchtigen Reiziger de meest ver-erende bevelen af aan alle de Onder-Koningen en Op-per Bevelhebbers der uitgeſtrekte bezittingen zynerKathol. Majeſteit op het nieuw halfrond der aarde.Voorzien van deze Koningl. orders en van aanbeve-lingsbrieven van alle Geleerden, en gevolgd van degoede wenſchen van allen, die de ware reſultaten uitzyne voorgenomene togten, voor de Aardrykskunde tewagten, naar waarde weten te berekenen, vertrok deHeer v. Humboldt naar de Corunna, en ging aldaar,in het begin van Juny des laatſten jaars, in een Paket-boot op de Havaná: ten oogmerk hebbende, om zigvan daar vervolgens naar Mexiko te begeven, en, nahet Noordelyk gedeelte van Amerika doorkruisd tehebben, door het Zuiden van dat waerelddeel en ver-volgens, over de Philippynſche Eilanden naar Europa te rug te keren, waar toe hy den tyd van 3 of 4 jarenzal nodig hebben. Men heeft reeds, ſedert zyn ver-trek, brieven van hem, zo van St. Croix op Tenerif-fe als zelfs van Cumana ontfangen. En een zynervrienden in Duitschland, de Heer Goedeking te Ba-reuth, heeft, onlangs, door een Hoogd. LetterkundigDagblad, de twee volgenden opentlyk gemeen ge-maakt.
Ik ſchreef u van Marſeille, dat myne reize om deWaereld, met den Kapt. Baudin, waar toe ik door hetFranſche Gouvernement verzogt was, op het zelſdeogenblik geſtaakt wierd, toen ik gereed was om in de-ze Haven ſcheep te gaan. Toen zou ik, met de twe-de Expeditie van Toulon, my by Bonaparte voegen.Met ongeduld wierd ik door myne vrienden gewagt:maar de Zeeflag van Abukir verydelde den togt. Bymyn voornemen blyvende, wilde ik thans, met eenZweedsch Fregat, ’t geen men te Marſeille wagtte,naar Algiers gaan, om van daar, met de Caravane van |20| |Spaltenumbruch| Mekka, den gevaarlyken weg, door de woestyne Se-lima, op Cairo inteſlaan. Het Fregat kwam niet opda-gen, en na vergeefsch, twee maanden lang, my in Provence opgehouden te hebben, gedurende welkenook de Oorlog tusſchen Frankryk en Algiers uitbrak,begaf ik my naar Spanje. Hier wierd ik den Koningaanbevolen, en verkreeg van dien, ’t geen nog nim-mer een vreemdeling verworven had, aanbevelings-brieven aan alle Onder-Koningen, nevens verlof, om,met alle myne werktuigen in de Spaanſche bezittingenintedringen. Verbeeld u myn geluk! Ik ben van alles uitgerusten ga, binnen weinige ogenblikken, naar de Havana onder zeil, met het Fregat Pizarro: en van daar naar Peru, Mexiko en Chili. Ik zal wel enige jaren uit-blyven: doch ik hoop iets groots te volvoeren. Een jonge Franſche Geleerde, Bonpland (Plantkun-dige) verzelt my. Van de Havana ſchryve ik u we-der.

A. v. H.

Den 5den van de Corunna vertrokken zynde, kwa-men wy, gelukkig, den 16den te Lancerotta, en den17den te St. Croix van Teneriffe. Wy hadden vier En-gelſche Fregatten in ’t gezigt en weten niet hoe wyhet ontkomen zyn. Ik heb de Piek zeer naauwkeurig opgenomen: enben, digt by den Crater, op 11500 voeten hoogte ge-weest. Deze togt was meer moeilyk dan gevaarlyk.De Piek is een byster grote Baſalt-berg, waar opPorphyr-, Schieffer- en Obſidiaan-porphyr rust. Hetis gevolglyk natuurlyk, dat de holligheden in de rotsdoor ſmelting gevormd zyn. Wy bevonden de warmte op den Crater, by Zon-neſchyn, op 70° Reaum. en de lucht à 2°. De Puim,of Dryſſteen, waar over men zo veel twist, is degeſmolten en ontbonden Obſidiaan. Dit is hier zoklaar als de dag. Ik moet afbreken door vermoeid-heid: wy gaan naar Carracas en de Havana onderzeil.

v. H.